Digitale Media- en Informatie Geletterdheid

Leeswijzer

De indicatoren horend bij de competentie ‘Digitale Media- en Informatiegeletterdheid’ zijn als koppen gebruikt en worden in de bijbehorende paragraaf uiteengezet. Te beginnen met ‘Informatievaardigheden’ gevolgd door ‘Kennismanagement’ , om vervolgens af te sluiten met ‘Mediawijsheid’.

3.1 – Informatievaardigheden

We kunnen, na het maken van een mooi aantal verslagen, rustig stellen dat het goed zit met de informatie geletterdheid. Op deze pagina ga ik aan de hand van een aantal bewijsstukken aantonen dat ik op niveau de copyright regels hanteer en het organiseren en vinden van informatiebronnen ook onder de knie heb. Ook zal te lezen zijn dat ik informatiebronnen zo kan organiseren dat leerlingen hier toegang tot hebben en dat dit ze verder helpt in het leren.

Als eerste vindt u hieronder een aantal stukken uit een verslag van mij over Noord-Ierland. Hierbij was het de bedoeling dat we over een aantal onderwerpen informatie zochten en met die informatie konden uitleggen wat die onderwerpen inhielden.

Hiernaast is een stuk te zien waar ik een deel van de ‘Irish Home Rule’ uitleg. Daarbij heb ik een tweetal bronnen gebruikt welke ik volgens de APA regels vermeld en gebruik.

Aan de rechterzijde ziet u een deel van de bronnen die ik heb gebruikt in datzelfde Noord-Ierland verslag. Hierbij kunt u zien dat ik op de hoogte ben van copyright regels en dat ik informatiebronnen kan organiseren.

3.2 – Kennismanagement

Ook is er in de vorige afbeelding te zien dat ik niet zomaar de eerste website pak maar dat ik kijk naar betrouwbaarheid en geloofwaardigheid. Wikipedia valt hier dus niet onder. Een zoekmachine die hierbij erg goed van pas komt is Google Scholar. Deze zoekmachine doorzoekt doorgaans wetenschappelijke artikelen op de overeenkomst met de ingevoerde zoekterm.

Op de pagina Attitude heb ik aangegeven dat ik Google Docs gebruik om schrijfwerk van leerlingen na te kijken. Ik gebruik Google Drive ook om mijn powerpoints met leerlingen te delen. Daarin staat vaak de grammatica net op een andere, en voor sommige duidelijkere, manier uitgelegd.

3.3 – Mediawijsheid

Als jonge docent ben ik in het bezit van zowel een Instagram account als een LinkedIn account. Daarnaast heb ik eerder een Facebook account gehad en ‘vroeger’ een hyves account. Dit betekent dat als leerlingen mij opzoeken op het internet dat ze foto’s van mij gaan zien. Wel heb ik er voor gekozen om al deze accounts zo in te stellen dat je alleen met toestemming een connectie met mij kan maken. De foto’s die dus te zien zijn wanneer je mij opzoekt zijn profielfoto’s waar niet zoveel geks opstaat en die leerlingen best mogen zien. Ik kies ervoor niet met leerlingen een connectie aan te gaan om werk en privé gescheiden te houden en ik er voor kan kiezen wanneer leerlingen mij benaderen. Mede daarom heb ik ook geen Whatsapp groep met leerlingen. Ik ben via vele kanalen bereikbaar voor werkgerelateerde zaken en daar is mijn privé mobiel niet één van.

Niet alleen ik maar ook leerlingen bewegen zich op vele kanalen op het internet. De uitgebreide mogelijkheden binnen social media maakt dat je als leerling continu op de hoogte moet blijven om er bij te horen. Snapchat en Instagram zijn momenteel, in ieder geval binnen onze school, de grootste platformen voor leerlingen. Dit betekent dat leerlingen vooral bezig zijn met foto’s maken en plaatsen op internet. Wij zullen als volwassenen de taak moeten oppakken leerlingen bewust te maken van het feit dat zulke foto’s vereeuwigd worden wanneer ze geplaatst worden. Ook het vluchtige medium van Snapchat is niet zo veilig als leerlingen vaak denken. Een screenshot van een onhandige foto is snel gemaakt en verspreid. Daarnaast merk ik dat de mobiele telefoon een soort sociale muur opwerpt. Wanneer leerlingen in de klas aan het werk zijn vinden ze het maar al te prettig om met elkaar te kletsen, maar wanneer de ze in de kantine zijn, en de telefoon niet meer verboden is, dan wordt er niet meer verbaal met elkaar gecommuniceerd. Uiteraard is dit wat gechargeerd, maar dit is wel een deel van het beeld.

Aan de hand van wikiwijs en collega’s ben ik op het idee gekomen om Newsround te gebruiken in de klas. Newsround is een soort jeugdjournaal over Groot-Brittannië. Er wordt duidelijk gesproken, zonder veel grote woorden en er is video ondersteuning bij. In de klas kies ik er soms voor om het gewoon te kijken en soms stop ik het na elk segment en vraag ik de klas wat er besproken wordt. Het is een leuke en interessante manier voor leerlingen om met taal en cultuur in aanraking te komen. In mijn klassen leer ik leerlingen ook werken met WRTS en/of Quizlet. Dit is bij uitstek een goede manier van woordjes leren voor de leerlingen. Sommige leerlingen ervaren dit als prettig anderen houden het liever bij het boek. Ook wijs ik leerlingen op Duolingo. Doordat hier ook een app versie voor op je telefoon is, spreekt dat leerlingen meer dan eens aan.

Als mentor ben ik al eens in aanraking gekomen met online pestgedrag en onderschatting van gevaren op het internet. Het moeilijkste is dat het nauwelijks is te voorkomen. Pubers hebben nog niet altijd het gevoel voor gevolgen ontwikkeld en dat maakt dat ze wel eens keuzes maken die niet altijd even handig zijn. Eén van de vervelendste situaties die ik heb meegemaakt was dat leerlingen plaatjes in een Whatsapp groep stuurden die neigde naar kinderporno. Daarbij heb ik gelijk contact gelegd met mijn leidinggevende en daarna met ouders van de vermeende verstuurders. Het is niet perse aan school aangezien ik niet in de appgroep actief ben, maar doordat een andere ouder aan de bel trok heb ik de rol van spil opgepakt. Dat soort telefoongesprekken zijn niet leuk maar alle plaatjes waren wel binnen de kortste keren verwijderd. Ter preventie van onhandig en gevaarlijk social media/internet gedrag worden de ouders van alle eerste klassers op onze school ingelicht over de gevaren die onze leerlingen tegen kunnen komen. Zelf heb ik vaak een kringgesprek over het gebruik van social media en internet an sich. Om online pestgedrag te voorkomen probeer ik groepsapps voor een klas altijd wat te mijden. Het voelt voor leerlingen heel veilig om daarin van leer te trekken tegen elkaar zonder dat je weet hoe je overkomt. Daarbij komt dat ik elk jaar een aantal lessen besteed aan een pestproject. Daarbij komt het verschil tussen pesten en plagen aan bod en een aantal fragmenten wat pesten met mensen doet.

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag